FISCALE
COLUMN

3 september 2003

 

Discussie over de vermogensrendementsheffing

Tot 2001 moest iedereen belasting betalen over rente, dividend, huur en andere vermogensinkomsten. Koerswinsten en dergelijke vielen buiten de belastingheffing. Dat was niet evenwichtig. Op de belastingheffing van vermogensinkomsten was daarom veel kritiek. Als antwoord hierop kwam de toenmalige staatssecretaris Willem Vermeend met de vermogensrendementsheffing. Een heffing van 30 procent over een forfaitair rendement van 4 procent. Een snelle rekensom leert dat dit neerkomt op een heffing van 1,2 procent over het vermogen.

Toen Vermeend in 1998 met deze vondst naar buiten kwam, was de reactie dat deze heffing voor rentegenieters aan de pittige kant was. Zeker omdat geen sprake was van inflatiecorrectie. Beleggers ervoeren de heffing van 1,2 procent echter als een bijzonder milde heffing. Sommige beleggers bestempelden haar zelfs als een "lachertje". Het lachen zal deze beleggers inmiddels zijn vergaan. Want 1,2 procent betalen bij koersverliezen van 20 procent of meer is niet bepaald iets dat de feestvreugde vergroot.

Over de hele linie is de vermogensrendementsheffing bij de invoering tamelijk positief ontvangen. Ofschoon veel fiscale wetenschapper liever een vermogenswinstbelasting hadden gezien, was er in die kringen toch wel waardering voor de vondst van Vermeend. Ik kan mij echter niet aan de indruk onttrekken dat de maatschappelijke acceptatie van de vermogensrendementsheffing snel aan het afbrokkelen is. Staatssecretaris van Eijck speculeerde in de zomer zelfs openlijk over afschaffing. Ik denk dat velen de nieuwe heffing het liefst op de fiscale schroothoop zouden deponeren. Maar iedereen voelt wel aan dat een dergelijke snelle afschaffing tot maatschappelijke onrust zou leiden. Het wijzigen van fiscale wetten is geen spelletje. Daarom zitten we er vermoedelijk nog wel een tijdje mee opgezadeld.

Je zou de vermogensrendementsheffing ook kunnen beschouwen als een strategische meesterzet van Vermeend. Hij kwam ermee op de proppen op een moment waarop op de beurs de bomen tot in de hemel leken te groeien. Iedereen vond het prachtig. Nu de beurs door het ijs is gezakt en vastgoedprijzen onder druk staan, krijgt de overheid toch zijn centen binnen. Stel je voor dat in 2001 een vermogenswinst belasting was ingevoerd. Velen hadden dan hun beleggingsverliezen op de fiscus kunnen verhalen. Dan was de budgettaire nood van de overheid nog veel groter geweest dan nu het geval is.

Peer van Bakel

Hoewel bij de totstandkoming van informatie de grootste zorgvuldigheid wordt betracht, kunnen wij geen aansprakelijkheid aanvaarden voor eventuele onjuistheden of onvolkomenheden.