Ondernemers en grootaandeelhouders, let op de
peildatum van box 3
Lees
artikel
|
Besparen op de fiscale
rendementsheffing
Lees
artikel
|
Ondernemers en grootaandeelhouders, let op de peildatum
van box 3
Het
onderscheid tussen ondernemingsvermogen en privé-vermogen is fiscaal
van belang. Over het privé-vermogen zoals spaargelden en beleggingen
wordt de zogenaamde rendementsheffing geheven. Deze bedraagt 1,2% op
jaarbasis. Er geldt een vrijstelling van ongeveer Euro 20.000,- per
persoon. De grondslag van deze heffing is het gemiddelde vermogen
per 1 januari en 31 december van het belastingjaar. Daarom kan
het voordelig zijn het privé-vermogen op de peildatum af te laten
nemen.
Zo kan een ondernemer die bij tijd en wijle voor
het levensonderhoud een flink bedrag uit de zaak haalt, besluiten
dit niet op 30 december te doen maar op 2 januari. Dat scheelt 1,2
procent. Sommige ondernemers hebben flinke bedragen op hun zakelijke
bankrekening staan, terwijl deze bedragen niet nodig zijn voor de
onderneming. De fiscus spreekt dan van “duurzaam overtollige
liquiditeiten”. De fiscus kan u dwingen deze over te hevelen naar uw
privé-vermogen. Dit kost u dan per peildatum 1,2 procent
rendementsheffing.
Bent u van plan uw zaak in december te verkopen,
probeer dit dan uit te stellen tot januari van het volgende jaar.
Over de koopsom die u incasseert of de vordering die u op de koper
verkrijgt, bent u rendementsheffing verschuldigd. Bij een koopsom
van Euro 100.000,- bespaart het uitstellen van de verkoop u Euro
1.200,-.
Bent u eigenaar van een BV en overweegt u de BV
dividend te laten uitkeren? Doe dat dan in het nieuwe jaar. U tilt
de toename van uw privé-vermogen dan over de peildatum van de
rendementsheffing heen. Om dezelfde reden kunt u zichzelf beter in
januari een bonus uitbetalen dan in december. Heeft u een erfenis
gehad of de loterij gewonnen en wilt u hiermee het kapitaal van de
BV verhogen, doe dit dan voor 1 januari aanstaande. Zo zorgt u
ervoor dat uw privé-vermogen op de peildatum kleiner
wordt.
Er zijn slimme aandeelhouders die al hun privé
spaarsaldi en beleggingen vlak voor de peildatum overboeken naar de
BV om ze op 2 januari snel weer terug te halen. Zo proberen ze onder
de rendementsheffing uit te komen. Dit is fiscaal niet effectief.
Voor deze truc bevat de wet een
anti-misbruikregeling.
Voor de rendementsheffing geldt een vrijstelling
van circa Euro 20.000,- per persoon, voor een echtpaar dus circa
Euro 40.000,-. Heeft u deze vrijstelling nog niet volledig benut,
dan kan het overboeken van ondernemingsvermogen naar privé-vermogen
voordelig zijn. Overleg dat maar eens met uw accountant of
belastingadviseur.
. . . terug naar
boven
|
Besparen op de fiscale rendementsheffing
Voor de
belastingheffing over uw spaargeld en beleggingen is het vermogen
aan het einde van het jaar van belang. De “rendementsheffing” wordt
berekend over het gemiddelde vermogen per 1 januari en 31
december. Als u voor het einde van het jaar een auto of boot koopt,
daalt uw spaargeld. Omdat auto’s, boten en andere “roerende zaken”
die voor eigen gebruik bestemd zijn niet meetellen, kan dit een
besparing opleveren. Grofweg kunt u deze besparing stellen op 1,2
procent van het met de uitgaaf gemoeide bedrag. Wellicht niet
wereldschokkend, maar alle kleintje beetjes helpen. Bovendien hoeft
u voor het binnenhalen van deze besparing geen ingewikkelde fratsen
uit te halen.
Als u tegen het einde van het jaar uw woning
verkoopt, moet u over de ontvangen koopsom rendementsheffing
betalen. Probeer de verkoop uit te stellen tot na 1 januari 2006.
Overweegt u een schenking te doen aan een meerderjarig kind? Doet
dat dan voor 1 januari 2006. De schenking komt in het vermogen van
de ontvanger terecht en kan bij hem of haar tot extra
rendementsheffing leiden. Het zou echter zo kunnen zijn dat het
vermogen van het kind minder is dan zijn of haar vrijstelling van
ongeveer Euro 20.000,-.
Verwacht u dat u over 2005 belasting moet
bijbetalen, probeer dan de betaling nog dit jaar te doen. De reden
is dat u op deze manier uw banksaldo verlaagt. Door de afname van uw
belastingschuld wordt u niet armer. Anders gezegd, uw vermogen wordt
niet lager. Maar voor de rendementsheffing wordt geen rekening
gehouden met belastingschulden. Het is niet zinvol om zomaar een
bedrag over te maken op de rekening van de ontvanger. U moet eerst
een voorlopige aanslag zien te krijgen. Daar kunt u om verzoeken. U
heeft geen garantie dat u de aanslag op tijd krijgt. Krijgt u de
aanslag nog dit jaar, betaal dan meteen.
Het Ministerie van Financiën heeft toegezegd dat
als een verzoek om een voorlopige aanslag voor 1 oktober is gedaan,
de aanslag tijdig zal worden opgelegd. Mocht de fiscus hier niet in
slagen, dan kunt u het bedrag dat met de aanslag gemoeid zal zijn
toch aftrekken bij de berekening van het vermogen.
Heeft u een voorlopige aanslag gekregen die
feitelijk te hoog is, dan kunt u overwegen het volledige bedrag
blijmoedig te betalen. U krijgt dan een vordering op de fiscus. Deze
vordering kunt u buiten beschouwen laten bij de berekening van uw
vermogen voor de fiscale rendementsheffing. Het teveel betaalde
krijgt u te zijner tijd met rente terug.
... terug naar
boven
|
|
|
|
| |
Werkgevers ontvangen formulieren voor pensioenregelingen
De Belastingdienst
heeft zeer recent formulieren verstuurd naar alle werkgevers (en
andere inhoudingsplichtigen) in het kader van Wet aanpassing fiscale
behandeling VUT/prepensioen en introductie levensloopregeling (Wet
VPL). Werkgevers kunnen met dit formulier verklaren dat zij in 2006
geen eindheffing voor pensioenregelingen hoeven af te
dragen.
In het formulier vindt
u een schema dat u kunt doorlopen. Stuur de verklaring voor
1 februari 2006 terug naar de Belastingdienst als u voldoet
aan 1 van de volgende 3 voorwaarden:
- U heeft geen
pensioenregelingen voor uw werknemers.
- Uw pensioenregelingen
zijn vóór 1 januari 2006 aangepast aan de fiscale kaders die dan
gelden.
- Uw pensioenregelingen
zijn op 1 januari 2006 nog niet aangepast aan de fiscale kaders
die dan gelden, maar de premie voor deze pensioenregelingen is in
2006 niet hoger dan wanneer de regelingen zouden zijn aangepast. U
moet de pensioenregeling dan wel voor 1 januari
2007 aanpassen.
Als u de verklaring
instuurt, zal de Belastingdienst in 2006 uw pensioenregelingen niet
controleren.
Stuur het formulier
niet terug als een of meer pensioenregelingen nog
niet voldoen en u daardoor eindheffing moet afdragen. Als u de
pensioenregelingen per 1 januari 2006 nog niet heeft aangepast, valt
u in 2006 onder een nieuwe overgangsregeling. U moet dan 52%
eindheffing betalen over het verschil tussen de premie die u op dat
moment betaalt en de premie die u zou betalen als u de
pensioenregeling had aangepast. De Belastingdienst zal in 2006 bij
werkgevers die geen verklaring hebben ingediend, controleren of ze
inderdaad deze eindheffing afdragen.
. . . lees verder op
Internet
|
Nieuwe loonaangifte vervangt per 1 januari 2006
loonheffing en premies werknemersverzekeringen
Vanaf 1 januari 2006
dienen werkgevers nog maar één gecombineerde loonaangifte in bij de
Belastingdienst. Deze loonaangifte vervangt het stelsel waarin
werkgevers bij UWV hun aangifte voor de premies
werknemersverzekeringen moesten doen en bij de Belastingdienst hun
aangifte loonbelasting en premies volksverzekeringen. Werkgevers en
accountants- en administratiekantoren zijn bovendien verplicht om de
loonaangifte voortaan elektronisch in te dienen.
De veranderingen vragen
om aanpassingen in de salarisadministratie en tijdige voorbereiding.
De internetsite Loonaangifte 2006 bevat informatie die u in staat
stelt om tijdig alle noodzakelijke maatregelen te treffen. U vindt
hier ook achtergrondinformatie en nieuws over wet- en regelgeving
die invloed heeft op de loonaangifte.
. . . lees verder op
Internet
|
Ongewenst gebruik heffingsrente door ondernemingen
aangepakt
Staatssecretaris Wijn
neemt maatregelen tegen ongewenst gebruik door ondernemingen van de
heffingsrente die wordt vergoed over te veel afgedragen
dividendbelasting. De maatregelen staan in een nota van wijziging op
het Belastingplan 2006 en gaan met terugwerkende kracht in op 16
november 2005.
Met ingang van 1
januari 2005 wordt bij de heffing van vennootschapsbelasting
heffingsrente in rekening gebracht of vergoed vanaf het midden van
het tijdvak waarover de belasting wordt geheven.Van een onbedoeld
voordeel kan sprake zijn als aan het einde van het belastingtijdvak
dividend wordt uitbetaald en hierover uitsluitend met het oog op de
te vergoeden heffingsrente, dividendbelasting wordt ingehouden. De
ontvangende vennootschap kan de in rekening gebrachte
dividendbelasting als voorheffing in aanmerking nemen. Deze
vennootschap krijgt over het teveel betaalde bedrag aan belasting
daarbij heffingsrente vergoed vanaf het midden van het tijdvak
waarover vennootschapsbelasting verschuldigd is. Dit leidt tot een
voordeel.
Staatssecretaris Wijn
stelt daarom voor dat de dividendbelasting die is ingehouden op
winstuitdelingen die geen deel uitmaken van de belastbare winst voor
de toepassing van de vennootschapsbelasting, niet meer wordt
verrekend als een voorheffing op de vennootschapsbelasting, maar
wordt teruggegeven in de vorm van dividendbelasting zelf.
. . . lees verder op
Internet
|
Verplichte rittenregistratie bestelauto´s afgeschaft
Een bestelauto waarin
buiten werktijd niet wordt gereden, wordt niet langer fiscaal extra
belast. Als twee of meer werknemers de bestelauto afwisselend
gebruiken, wordt het privé-gebruik met een eindheffing van 300 euro
belast bij de werkgever. Werknemers hoeven ook geen
rittenregistratie meer bij te houden. Dit heeft de Tweede Kamer
bepaald bij de goedkeuring van het Belastingplan 2006.
Werkgevers en
werknemers zijn vanaf 1 januari 2006 verlost van de verplichte
rittenregistratie. Het enige dat de werkgever dan nog hoeft te doen,
is privé-gebruik van zijn bestelauto’s verbieden. Dit verbod moet
schriftelijk worden vastgelegd, aangevuld met een sanctie voor de
werknemer bij overtreding. De werkgever moet toezien op de naleving
van het verbod. De werknemer hoeft geen rittenregistratie meer bij
te houden, ook als hij de auto ’s avonds mee naar huis neemt.
In de nieuwe regeling
bestaat er een afkoopmogelijkheid voor bedrijven waar bestelauto’s
worden bereden door wisselende chauffeurs. Voor 300 euro per
kenteken per jaar kan de rittenregistratie worden voorkomen. Ook
hoeft er niet meer te worden bijgehouden wie, wanneer, met welk
kenteken heeft gereden.
. . . lees verder op
Internet
|
|
|
|
| |
|