De informatieverplichting jegens de fiscus

Lees artikel


 


Let op de termijnen

Lees artikel


De informatieverplichting jegens de fiscus

De Belastingdienst baseert zich bij de belastingheffing op gegevens. Veel van deze gegevens moeten door belastingbetalers zelf worden aangedragen. Denk daarbij aan de aangifte inkomstenbelasting. De Belastingdienst moet aangiftes kunnen controleren. Daarvoor zal aangeklopt worden bij ondernemers en particulieren. De informatieplicht van particulieren is beperkt tot hun eigen fiscale positie. Bij ondernemers kan de fiscus ook aankloppen voor gegevens die relevant zijn voor belastingheffing van derden. Zo zou de Belastingdienst bij een wijnhandelaar kunnen kijken welke aankopen een bepaalde kroegbaas heeft gedaan. Deze gegevens kunnen vervolgens worden vergeleken met de door deze kroegbaas geboekte inkopen. Zit daar een verschil tussen dan heeft de horeca-ondernemer wellicht inkopen buiten de boeken gehouden om zwarte omzet mogelijk te maken. De informatieplicht jegens de fiscus is beperkt tot gegevens die voor de belastingheffing van belang kunnen zijn. Dat is echter een zeer ruim begrip.

Voor ondernemers geldt een boekhoud- en een bewaarplicht gedurende zeven jaar. De belastingbetaler moet moeite doen om de boekhouding in goede staat te houden. Weinig geloofwaardig is de stelling dat het schuurtje met administratie toevallig net een week voor aanvang van de belastingcontrole door brand is verwoest. Veel administratie vindt tegenwoordig elektronisch plaats. De desbetreffende digitale bestanden moeten bewaard en benaderbaar blijven. De Belastingdienst neemt geen genoegen met de stelling dat de software om de oude administratie te benaderen niet meer aanwezig is. Het is toegestaan papieren informatie te digitaliseren en op deze wijze te bewaren. Dat kan de nodig archiefruimte schelen.

Bij de controle maakt de fiscus ook gebruik van de zogenaamde 'waarneming ter plaatse'. Een voorbeeld is dat controleambtenaren op zaterdagavond onaangekondigd een restaurant bezoeken. Gekeken wordt dan of er personeel werkzaam is dat niet in de loonadministratie is opgenomen. Dergelijke controles verstoren de bedrijfsuitoefening en worden door ondernemers steevast als zeer irritant ervaren. Toch moet men hieraan volledige medewerking verlenen. Bij dergelijke controles hebben ambtenaren het recht om identificatie van personeel te vragen.

Als een ondernemer zich niet aan zijn informatieplicht houdt, zal de fiscus zijn correcties baseren op hoge schattingen. Het is dan aan de belastingbetaler om de onjuistheid daarvan aan te tonen.

. . . terug naar boven



Let op de termijnen

Nederland is een rechtstaat. Dat geldt ook op fiscaal gebied. Als u het niet eens bent met een belastingaanslag, kunt u een bezwaarschrift indienen bij de Belastingdienst. Wijst de Belastingdienst uw bezwaar af en bent u niet overtuigd door de motivering, dan kunt u de zaak voorleggen aan de belastingrechter. In eerste instantie is dat de rechtbank. Krijgt u daar uw gelijk niet, dan kunt u terecht bij het gerechtshof. De hoogste rechter is de Hoge Raad.

Voor al deze juridische acties geldt een termijn van zes weken. U moet het bezwaar bij de Belastingdienst en het beroep bij de rechter binnen zes weken indienen. Een te laat ingediend bezwaar of beroep is ongeldig. Alleen in geval van zeer bijzondere omstandigheden kan termijnverlenging plaatsvinden. Ziekte kan zo’n omstandigheid zijn. Vakantie of verblijf in het buitenland in het algemeen niet. In zo’n geval zou iemand gevraagd kunnen worden de post door te sturen of zou iemand gemachtigd kunnen worden.

Voor de termijn van zes weken is niet beslissend wanneer het stuk bij de Belastingdienst of rechter binnenkomt, maar wanneer het door de belastingbetaler op de post is gedaan. Voorwaarde is wel dat het stuk binnen een week na terpostbezorging is besteld. Voor de dag van terpostbezorging vormt de poststempel een aanwijzing. Het kan gebeuren dat het einde van de termijn samenvalt met een officiële feestdag. Deze telt dan niet mee.

Lukt het niet om uw motivering op tijd rond te krijgen, dan kunt u een zogenaamd pro-forma stuk indienen. Daarin zegt u met welke aanslag c.q. uitspraak op het bezwaarschrift c.q. beslissing van de lagere rechter u het niet eens bent en dat u de motivering binnenkort zult indienen. Hiervoor kan de desbetreffende instantie u weer een termijn stellen. U kunt er dus niet ombeperkt mee wachten.

Doet u een beroep op de rechter, dan moet u er ook aan denken tijdig griffiegeld te betalen. U krijgt daarvoor een rekening. Niet of te late betaling leidt tot zogenaamde niet-ontvankelijkheid.

... terug naar boven

 

 

 

 


Belastingplan 2007

Een greep uit de fiscale maatregelen die in het Belastingplan 2007 zijn opgenomen:

  • directeuren-grootaandeelhouders (dga's) krijgen een (alleen in 2007 geldende) verlaging van 25 procent naar 22 procent voor de eerste 250.000 euro inkomsten uit aanmerkelijk belang (deze belastingverlaging compenseert voor dga´s de hogere inkomensafhankelijke bijdrage aan de ziektekostenverzekering);
  • een verlaging van het gecombineerde tarief voor inkomstenbelasting en premies volksverzekeringen van zowel de eerste als de tweede schijf;
  • een verhoging van de heffings-, arbeids- en combinatiekorting;
  • de regeling ´dienstverlening aan huis´: een particulier mag drie dagen per week persoonlijke diensten (zoals schoonmaken, tuinonderhoud, hond uitlaten, verzorging, strijken of op kinderen passen) laten verrichten zonder loonbelasting of premies voor werknemersverzekeringen in te houden;
  • het toptarief van 68 procent in de belasting op erfenissen wordt verlaagd naar 63 procent.

. . . lees verder op Internet



Wetsvoorstel Werken aan Winst 2007

De belastingen op winst gaan met ingang van 1 januari 2007 omlaag. Grote en kleine ondernemingen profiteren in gelijke mate. In de vennootschapsbelasting gaat het tarief extra omlaag van de oorspronkelijk geplande 29,1 procent naar 25,5 procent. Voor kleinere winsten gaan aparte tarieven gelden. Voor alle winsten tot 25.000 euro wordt het tarief 20 procent (24,5 procent), terwijl winsten van 25.000 euro tot 60.000 euro tegen 23,5 procent zullen worden belast. Ondernemers die inkomstenbelasting betalen, krijgen eveneens een lastenverlichting. Met ingang van 1 januari 2007 zal 10 procent van hun winstinkomen niet belast worden. Dit is de MKB-winstvrijstelling.

Verder bevat het wetsvoorstel maatregelen die gunstig uitwerken voor innovatieve bedrijven. Voor inkomsten uit innovaties wordt een belastingtarief van 10 procent voorgesteld (“octrooibox”). Voor financieringswinsten binnen een concern zal een apart tarief van 5% gelden (“rentebox”).

De tariefsverlagingen betekenen derving van belastinginkomsten. Deze derving wordt voor een deel gecompenseerd door andere regels voor de bepaling van de belastbare winst. Zo zullen compensabele verliezen tot 9 jaar vooruitgeschoven kunnen worden terwijl dat nu nog onbeperkt mogelijk is. De achterwaartse verliescompensatie wordt beperkt tot 1 jaar, terwijl dat nu nog 3 jaar is. Ondernemingen die onder de inkomstenbelasting vallen kunnen nog steeds gebruik maken van een achterwaartse verliescompensatie van 3 jaar.

De fiscale afschrijving op vastgoed zal worden versoberd. Voorgesteld wordt dat ondernemingen hun bedrijfspand tot 50 procent van de waarde in het economisch verkeer (WOZ-waarde) kunnen afschrijven. Op beleggingsvastgoed mag nog maar tot 100 procent van de waarde in het economisch verkeer worden afgeschreven.

. . . lees verder op Internet



Octrooibox aantrekkelijker

De octrooibox uit het wetsvoorstel Werken aan Winst wordt aantrekkelijker. Voorkomen wordt dat een verlies op een octrooi slechts tegen het speciale lage tarief (10%) uit de octrooibox aftrekbaar is. Dit staat in een nota van wijziging die recent naar de Tweede Kamer is gestuurd. Het tarief van 10% wordt slechts van toepassing voor zover de opbrengsten de voortbrengingskosten overstijgen.

Tevens wordt een versoepeling voorgesteld voor ondernemers die inkomstenbelasting betalen. Een ondernemer die voldoet aan het zogenoemde urencriterium (een minimumaantal uren per jaar waarin hij als ondernemer optreedt) krijgt volgens de voorstellen uit Werken aan Winst de mkb-winstvrijstelling van 10%. In het jaar waarin de ondernemer zijn onderneming staakt, bijvoorbeeld door overlijden, zal hij soms niet voldoen aan het urencriterium. Door de aanpassing in de nota van wijziging kan hij in dat jaar toch de mkb-winstvrijstelling krijgen.

In de rentebox (waarin financieringswinst tegen 5% kan worden belast) worden meer keuzemogelijkheden voorgesteld. In de deelnemingsvrijstelling wordt een versoepeling opgenomen voor vastgoedbeleggingsdochters en voor deelnemingen die onder de 5%-grens zakken. Tenslotte zijn in de nota van wijziging overgangsregelingen opgenomen voor de afschrijving op kassen van tuinders en voor bestaande kleine deelnemingen in de deelnemingsvrijstelling.

. . . lees verder op Internet



Percentage heffings- en invorderingsrente

Het percentage heffings- en invorderingsrente voor het vierde kwartaal 2006 is vastgesteld op 4,25%. Voor het derde kwartaal van 2006 gold een percentage van 4,0% en voor het tweede kwartaal 3,75%.

. . . lees verder op Internet

 

 

 

 

 



Disclaimer

Hoewel bij het samenstellen van de inhoud van deze digitale nieuwsbrief de uiterste zorg is nagestreefd, sluiten de samenstellers van deze digitale nieuwsbrief iedere aansprakelijkheid uit voor onjuistheden, onvolledigheden en eventuele gevolgen van het handelen op grond van informatie die op via deze digitale nieuwsbrief beschikbaar is.