|
Inkomensafhankelijke
bijdrage zorgverzekering
Met de invoering van de nieuwe zorgverzekeringswet
is er het een en ander op zijn kop gezet. Geen onderscheid meer tussen
ziekenfonds- en particulier verzekerden. En een andere manier van
premieheffing. Om te beginnen moet iedereen een basispremie betalen, wie
meer dekking wil kan een aanvullende verzekering sluiten en iedereen die
inkomsten uit arbeid heeft moet een inkomensafhankelijke bijdrage betalen.
Over deze laatste bijdrage willen wij het hier hebben.
Er zijn twee percentages: 6,5% voor de
meeste situaties waarin er een inhoudingsplichtige, zoals een werkgever of
uitkeringsinstantie, is en 4,4% voor inkomsten uit arbeid zonder
inhoudingsplichtige (uitzonderingen daargelaten). Een aantal
inhoudingsplichtigen moet een vergoeding geven voor de ingehouden premies.
De belangrijkste zijn de werkgevers. Op AOW-uitkeringen wordt weliswaar
6,5% premies ingehouden, maar dat wordt niet vergoed (de hoogte van de
AOW-uitkering is daarop aangepast). En op lijfrente-uitkeringen wordt 4,5%
ingehouden, zonder vergoeding. Het maximuminkomen waarover de
inkomensafhankelijke bijdrage wordt berekend is euro 30.014,-. Hoe werkt
dat nou allemaal precies en vooral als er meer dan één inkomensbron is.
Laten we beginnen met werkgevers: deze
houden 6,5% in en vergoeden dit op hetzelfde moment. Deze vergoeding is
belast, dus de werknemers betalen de belasting daarover.
Voorbeeld
U heeft een maandloon van euro 2300,-. Er wordt euro 149,50 zorgpremie
ingehouden. De werkgever vergoedt dit bedrag, maar over deze vergoeding
wordt 41,45% loonheffing ingehouden, dat is euro 61,96. Uw netto loon gaat
omlaag met dit bedrag. De ingehouden zorgpremie en de vergoeding daarvan
vallen tegen elkaar weg. U mag de ingehouden zorgpremie bij de ziektekosten
tellen en aftrekken als u de drempel haalt.
Als u maar één werkgever heeft, kan
deze rekening houden met het maximum premie-inkomen en wordt er maximaal
euro 1950,- premies ingehouden. Maar als u meer dan één werkgever heeft,
wordt er geen rekening gehouden met een gezamenlijk maximum en kan er dus
teveel worden ingehouden. Dan wordt het teveel ingehouden bedrag het
volgende jaar via de werkgever teruggegeven.
Voorbeeld
U heeft een baan met een jaarloon van euro 20.000,- en een baan met een
jaarloon van euro 15.000,-. Uw eerste werkgever houdt 6,5% van euro
20.000,-, dat is euro 1300,- in. Dit bedrag wordt door hem vergoed en
daarover is 41,45% belasting verschuldigd (wordt eveneens door werkgever
ingehouden), dat is euro 538,-. Uw tweede werkgever houdt in 6,5% van euro
15.000,-, dat is euro 975,-. De loonheffing daarover bedraagt 41,45%, dat
is euro 404,-. In totaal is nu euro 1300,- + euro 975,- = euro 2275,-
premies zorgverzekering ingehouden, waarover in totaal euro 538,- + euro
404,- = euro 942,- loonheffing is afgedragen. De zorgpremie is (euro 2275,-
- euro 1950,- =) euro 325,- te hoog geweest en dit bedrag wordt
teruggegeven aan uw beide werkgevers in de verhouding euro 20.000,- : euro
15.000,-. Uw eerste werkgever krijgt dus 20/35 van euro 325,- = euro 185,-
terug en uw tweede werkgever 15/35, dat is euro 140,-. Bij uw eerste
werkgever wordt 41,45% van euro 185,- (euro 77,-) minder loonheffing
ingehouden en bij uw tweede werkgever 41,45% van euro 140,- (euro 58,-).
Daarmee is de cirkel rond. Uw nettoloon gaat dus omhoog met 41,45% van euro
325,- = euro 135,-. Denk er wel om dat uw werkgevers hiermee kunnen zien
dat u ergens anders ook nog een baan heeft.Over de samenloop tussen loon en
uitkeringen hebben we het volgende maand.
. . . terug naar boven
|
|
De auto en gebruikelijk
loon
Iemand die werkt voor een BV
waarin hij een aanmerkelijk belang heeft (in hoofdlijnen is dat een
aandelenbezit van minimaal 5%), is bij die BV in loondienst en de BV moet
alle regels van de wet loonbelasting naleven. Er moet dus loonheffing
worden ingehouden en afgedragen. Bovendien moet een dergelijke werknemer
een gebruikelijk loon genieten, aldus de wet op de loonbelasting.
Een
gebruikelijk loon is tenminste euro 39.000,- per jaar. Als u echter
aannemelijk kunt maken dat een lager loon gebruikelijk is bij soortgelijke
werkzaamheden die door een ander zouden worden verricht, mag u dat lagere
loon nemen. Als er bij soortgelijke dienstbetrekkingen waarbij een
aanmerkelijk belang geen rol speelt, een hoger loon gebruikelijke zou zijn,
dan moet u een loon genieten van 70% van dat hogere loon (maar niet minder
dan euro 39.000,-). Uw loon mag ook niet lager zijn dan het
hoogste loon van de overige werknemers van de BV (of verbonden
vennootschappen), tenzij u aannemelijk kunt maken dat ook dat te hoog is
voor de werkzaamheden die u verricht. Dat kan het geval zijn bij zeldzame
specialisten.
Hoe past het
privé-gebruik van de auto hier nu in? Sinds
1 januari 2006
behoort de bijtelling voor het privé-gebruik van de auto tot het loon. De
BV moet 22% van de cataloguswaarde van de auto bij het loon optellen en
daar loonheffing op inhouden. Dat mag alleen achterwege blijven bij een
sluitende rittenadministratie of als de werknemer een verklaring geen
privé-gebruik inlevert bij de werkgever. Het aanvraagformulier daarvoor is
te downloaden vanaf www.belastingdienst.nl.
De bijtelling
kan op twee manieren een rol spelen. In de eerste plaats wordt de
gebruikelijk loon regeling toegepast op het loon inclusief de bijtelling
voor de auto. Heeft u dus een loon van euro 33.000,- en een bijtelling van euro 6.000,-, dan is uw loon
gebruikelijk (tenzij er personeel is dat een hoger loon geniet, zie
hiervóór). En verder telt de bijtelling mee om te beoordelen hoeveel loon u
al heeft genoten. Heeft u een loon van euro 33.000,- en een bijtelling van euro 6.000,-, en is het
gebruikelijke loon euro 65.000,-, dan wordt er nog (euro 65.000,- - euro 39.000,- =) euro 26.000,- bij uw loon geteld.
De wetgever heeft het privé-gebruik van de auto
bewust niet gerekend tot het pensioengevend loon en daarover kan dan ook
geen pensioen worden opgebouwd. Dat lijkt ook wel logisch, want een dure
auto zou dan tot een hoger pensioen leiden. Als u uw loon verlaagt met het
privé-gebruik van de auto, kunt u dus minder pensioen opbouwen. Dat zal
misschien niet de bedoeling zijn en is zeker iets om rekening mee te houden.
... terug naar boven
|